Milieu-eisen aan doodskisten

Begrafenis-/crematiekist (de wet spreekt over lijkkist)
De lijkkist dient te zijn gemaakt van een natuurlijk materiaal, zoals hout, maar ook karton en soortgelijke materialen zijn toegestaan. Daarnaast zijn ook enkele (kunst)stoffen toegestaan.

Toegestane (kunst)stoffen
-spaanplaat
Indien de lijkkist wordt gemaakt van spaanplaat (verlijmde houtspaarders), moet het voldoen aan het spaanplaatbesluit uit de warenwet. D.w.z. niet meer dan 10mg. formalhyde per 100 gram plaatmateriaal.

-lijm
In houtspaanplaat verwerkt: ureumformaldehydelijm
In schottenlijm verwerkt: ureumformaldehydelijm
In perslijm verwerkt : PVAC-lijm (polyvinylacetaat)
In constructielijm verwerkt: PVAC-lijm (polyvinylacetaat)
Ureumformaldehydelijm is eigenlijk een chemische hars die ontstaan is uit de meervoudige condensatie van ureum (afbraakprodukt van eiwitten) en formaldehyde (eenvoudigste aldehyde -alcohol waaraan waterstof is onttrokken).
De formaldehyde wordt gebruikt als harder, de lijm hardt (droogt) dan beter, bij een overvloedig gebruik van deze lijm in o.a. spaanplaten ruikt men een penetrante geur die in een gesloten ruimte aanleiding kan geven tot o.a. hoofdpijn.
De ureumformaldehydelijm wordt veel gebruikt om houtspaanders aan elkaar te verlijmen tot een plaat, dit omdat deze lijm het voordeel heeft dat het in veel lichte kleurnuanceringen verwerkt kan worden.

-lak
Toegestane is nitrocelluloselak: een combinatie van alkydlharsen (synthetische hars welke o.a. is samengesteld uit alcoholen, carbonzuren en vetzuren), pigmenten (kleurstoffen) en vulstoffen.


Voorschriften overige onderdelen van een doodskist
De ornamenten
Bij crematiekisten zijn alle kunststoffen toegestaan voor ornamenten, zoals handgrepen en sierschroeven, mits deze van buitenaf verwijderd kunnen worden voordat de crematiekist ingevoerd wordt in de crematieoven.

Het hoofdkussen
Voor het hoofdkussen zijn voorgevormde steunen van karton of een papieren zak gevuld met houtkrullen toegestaan. Deze mogen worden voorzien van een bekleding (zie verder binnenbekleding)

De binnenbekleding
Voor binnenbekleding is satijn, gemaakt van 100% rayon of 100% acetaat en taft, gemaakt van 100% rayon of 57% viscose en 43% acetaat toegestaan.
Rayon is een algemene benaming voor kunstmatige vezels, vervaardigd uit cellulose (wat weer een organische stof is, die bereidt wordt uit de wanden van cellen van hout en planten) of een afgeleide daarvan.
Acetaat is celluloseacetaat en wordt vervaardigd uit een esterverbinding (organische verbinding die ontstaat bij de inwerking van een (hier azijn) zuur op een alcohol) met cellulose, vroeger werd deze stof ook wel acetaat-zijde genoemd. De officiële benaming is acetaatrayon.
Viscose is een afkorting van viscosegaren, -rayon en -zijde en wordt net als rayon vervaardigt uit cellulose.
De binnenbekleding mag niet bestaan uit één stuk, d.w.z. voor de wanden en de bodem moeten 2 losse stukken stof worden gebruikt. Het gebruik van één stuk stof in de kist geeft namelijk de kans op het ontstaan van een soort kuip die vocht kan vasthouden, hetgeen de vertering onnodig belemmert.

De bodembedekking
Indien de bodem bedekt wordt dan moet hier celstofpapier (uit plantaardige grondstoffen verkregen vezelmateriaal) voor worden gebruikt.

Kantenband en print
Kantenband: een band, gemaakt van kant (fijn, licht weefsel ontstaan door het kantklossen van een linnen draad) en over de kanten van de kist gedrapeerd wordt.
Print: papierstrook met opdruk dat vaak ter vervanging van kantenband wordt gebruikt. Een print is een positieve afdruk op fotografisch papier, meestal een vergroting van iets. Voor printpapier moet basispapier (zuurvrijpapier) op edelcellulose (1st kwaliteit cellulose) basis met anorganische pigmenten (niet plantaardige en/of dierlijke kleurstoffen) worden gebruikt.


Terug naar inhoudsopgave Milieu-eisen

Terug naar inhoudsopgave Uitvaart encyclopedie

Deel dit